02-03-12

De beste films aller tijden… pardon?

the-shawshank-redemption.jpgIedereen houdt van lijstjes: de vijf hoogste bergen, de tien rijkste mensen, de honderd best verkochte boeken… Zolang ze steunen op meetbare gegevens, zit je wel snor. Maar wie zijn de mooiste fotomodellen van de wereld? De beste koks? Of wat zijn de tien beste films ooit? Dergelijke lijsten zijn natuurlijk uiterst subjectief. Maar als je de smaak van heel veel mensen bijeentelt, kom je misschien toch tot een min of meer betrouwbare rangschikking. 

De wereld kiest

Een van de meest gezaghebbende filmlijsten is dan ook de top 250 van de Internet Movie Data Base (IMDB), de grootste online filmencyclopedie ter wereld. Deze rangschikking is het resultaat van miljoenen stemmen wereldwijd. De lijst varieert voortdurend naargelang er nieuwe films op de markt komen en de smaak van het publiek verandert. Maar ook deze lijst is verre van perfect. Franse, Italiaanse, Duitse, Russische en andere Europese of Aziatische meesterwerken worden er vaak in de hoek gedrumd door Hollywood die de lijst domineert. Ook recente films hebben een streepje voor op de oude klassiekers. Zo staat de Iranese Oscarwinnaar A Seperation op nummer 69, terwijl Cabaret (1972) van Bob Fosse, een van mijn lievelingsfilms, nergens te bespeuren valt. The Dark Night (2008) prijkt vandaag op nummer acht en stond zelfs korte tijd genoteerd als beste film aller tijden, komaan! 

De top 250 van de IMDB is dus zeker niet samengesteld door filmcritici en cinefielen die zich in de Cinematek vergapen op Dood in Venetië. De Y-generatie zwaait er de plak. Maar vanuit democratisch oogpunt is het allicht de meest representatieve. En al bij al blijven veel meesterwerken er toch redelijk standhouden, zij het dat ze soms niemendalletjes als Gran Torino (112) moeten laten voorgaan. Zie hier de beste tien films aller tijden volgens de IMDB:

 

De top tien 

1. The Shawshank Redemption (1994)

The Shawshank Redemption is een aangrijpend gevangenisdrama uit 1994 naar een kortverhaal van Stephen King. Regisseur Frank Darabont werkte zich ook in de kijker met The Green Mile, eveneens een gevangenisdrama naar een verhaal van King. Shawshank was een flop aan de kassa, maar verpulverde alle records in de videotheken dankzij mond-aan-mondreclame. Het internet deed de rest. Bijna een half miljoen filmliefhebbers gaven de film 10/10 op de IMDB. 

2. The Godfather (1972)

Met de The Godfather veroverde Francis Ford Coppola een plaats in de analen van de filmgeschiedenis. Onvergetelijk is de scène met de paardenkop, of de oneliner van Marlon Brando: “I’ll make him an offer he can’t refuse”. Coppola tekende ook voor twee vervolgfilms, waarbij hij het derde deel liefst 28 jaar na het origineel inblikte, met dezelfde cast! Een unicum in de filmgeschiedenis. 

3. The Godfather Part II (1974)

Het tweede deel van The Godfather overtreft volgens sommigen zelfs het origineel. Coppola’s Apocalyps Now, eveneens met Marlon Brando, prijkt in de IMDB top 250 op nummer 35. 

4. Pulp Fiction (1994)

Op nummer vier al weer een gangsterfilm, zij het nog gewelddadiger dan de voorgaande. Pulp Fiction, geregisseerd door Quentin Kill Bill Tarantino, gaf de carrière van John Travolta een nieuwe boost. De film wemelt van de sterren, die er vechten om een bijrolletje. 

5. The Good, The Bad and the Ugly (1966)

Op vijf staat de eerste en enige niet-Amerikaanse film van de top tien: het Italiaanse Iel buono, il brutto, il cattivo of The Good, the Bad and the Ugly, een “spaghettiwestern” van Sergio Leone met in de hoofdrol Eli Wallach (geboren in 1915). Onlangs was hij op zijn 95ste nog te zien in The Ghostwriter (2010) van Polanski. Voor de tweede ‘buitenlandse’ film moeten we afdalen tot de veertiende plaats: het Japanse epos Seven Samurai (1954) van Akira Kurosawa. 

6. 12 Angry Men (1957)

12 Angry Men van de vorig jaar overleden Sydney Lumet (1924-2011) is een rechtbankdrama in zwart-wit dat zich volledig afspeelt binnen een claustrofobische en bloedhete vergaderruimte waar twaalf juryleden delibereren over het lot van een jongeman die beticht wordt van moord. Niet bepaald een thema dat vandaag volle zalen zou lokken, alhoewel… De film toont met brio de kracht van het individu en is een ode aan de enkeling die het opneemt tegen de hele wereld. 

7. Schindler’s List (1993)

Schindler’s List van topregisseur Steven Spielberg is de tweede film uit de top tien die volledig in zwart-wit werd gedraaid, op enkele details na die rood werden ingekleurd. De film is een naar de keel grijpend document over de Holocaust met in de heldenrol Oskar Schindler, een Duitse nazie-industrieel die honderden Joden van de gasdood redde. 

8. The Dark Night (2008)

Waarschijnlijk heeft de tragische dood van Heath Ledger die postuum een Oscar kreeg voor zijn memorabele vertolking van de Joker (Jack Nicholson doen vergeten: je moet het maar doen!) bijgedragen tot het succes van de film, maar hoewel de prent van Christopher Nolan (die ook tekende voor Memento en Inception) zeker niet te versmaden is, blijft een plaats in de top tien aller tijden toch overdreven. 

9. The Lord of the Rings: The Return of the King (2003)

The Lord of the Rings: The Return of the King is het sluitstuk van de legendarische trilogie van Peter Jackson. Waarschijnlijk dankt ze haar plaats in de top tien aan het feit dat ze deel uitmaakt van een filmepos dat vele records deed sneuvelen, niet in het minst aan de kassa. 

10. One Flew Over the Cuckooo’s Nest (1975)

Hekkensluiter One Flew Over the Cuckooo’s Nest van Milos Forman speelt zich vrijwel volledig af binnen de muren van een gekkenhuis. Dat die film nog altijd zo’n hoge ogen gooit, heeft ongetwijfeld te maken met de oersterke vertolkingen, niet alleen van een sardonische Jack Nicholson, maar ook van Louise Fletcher die met Nurse Ratched een van de meest gehate filmfiguren uit de geschiedenis neerzet.

 

Een rare mix? Of toch niet…

Wat valt er nu op aan dat lijstje? De oudste prent dateert van 1957, drie van de tien films zijn van de jaren 70 en de helft is minder dan twintig jaar oud. Ook opvallend: in zeven (acht als je Schindler’s List meetelt) van de tien staat misdaad centraal. Komedies, een zwaar ondergewaardeerd filmgenre, komen in de top 250 maar weinig voor, en veel ervan zijn dan nog tekenfilms. Voor de eerste lachfilm moeten we afdalen naar de 34ste plaats: Dr. Strangelove (1964) van Stanley Kubrick. De eerste sciencefiction op de lijst is Star Wars: The Empire Strikes Back (1980) op 11; de eerste griezelfilm The Silence of the Lambs (1991) van Jonathan Demme staat (verdiend) op 24. Voor de eerste musical –alweer een onderschat genre- is het wachten tot nummer 86: Singin’ in the Rain. 

Geen enkele filmlijst is perfect. Vaak ben je teleurgesteld als je favoriete film er niet eens bijstaat. Maar als je echt je filmcultuur wil aanscherpen en je zoekt een goede bron, dan is de IMDB 250 zeker geen slechte plaats om te beginnen... En vindt je 250 films een beetje te veel van het goede, een tip: begin met de oudste film op de lijst, en klim zo naar boven.

 

 

15:45 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-08-08

Nous ne vieillirons pas ensemble

41WDHYQEBWL__SS500_
Eindelijk begonnen aan de ronduit prachtig uitgegeven box Pialat Volume 1, dat negen schijfjes bevat met vooral het latere werk van de eigenzinnige Franse cineast Maurice Pialat (1925-2003). Naast Nous ne vieillirons pas ensemble (1972) steken in de box ook A nos Amours (1983), Police (1985), Sous le soleil de Satan (1987) en Van Gogh (1991). Ik heb voor dit koffertje destijds maar 25 euro betaald in de Mediamarkt, maar vandaag is het nauwelijks nog te vinden.

51BD3NB03PL__SS500_

Nous ne vieillirons pas ensemble is een natuurgetrouwe weergave van het geleidelijk uitdoven (zeg maar de doodstrijd) van een zes jaar durende relatie tussen Jean (vertolkt door Jean Yanne die er in Cannes de prijs voor beste mannelijke acteur voor kreeg) en zijn minnares Catherine (Marlène Jobert). Jean is een cineast en linkse intellectueel die niet veel om handen schijnt te hebben, behalve zijn minnares te kleineren, schofferen en zelfs frapperen (slaan, maar dat rijmt niet).

Waarom Catherine ondanks alles van die onsympathieke macho blijft houden, is voor mij een raadsel, maar ja, ook de liefde van Nancy voor Bill Sikes in Oliver! is mijn begrip altijd te boven gegaan. Het zal wel te maken hebben met seksuele aantrekkingskracht voor een orang-oetan, maar ik wijk af. In elk geval, van zodra Catherine Jean ‘minder graag ziet’, beginnen de krachtsverhoudingen te keren in het voordeel van de frêle minnares. Als zij uiteindelijk een definitief punt zet achter de relatie en met een ander trouwt, wordt Jean een emotioneel wrak dat bij iedereen steun zoekt: bij zijn echtgenote, de ouders van Catherine, haar grootmoeder.

Jean Yanne (wat een acteur!) had veel moeite om die onsympathieke bruut neer te zetten. Hij lag voortdurend in de clinch met de regisseur omdat hij moeite had met de dialogen en het fysische geweld. De autoscène waarin hij Catherine met de grond gelijkmaakt ("de enige reden waarom ik bij je blijf, is uit medelijden") en de scène waarin hij haar op een haar na seksueel aanrandt, zijn zo beklijvend dat men er 35 jaar later nog altijd over spreekt.

vieillirons

Nous ne vieillirons pas ensemble is vaak een aaneenschakeling van schijnbaar repetitieve scènes en dialogen, waarvan er zich heel wat in de auto afspelen. Toch blijft de film boeien omdat je te maken hebt met zeer herkenbare personages van vlees en bloed. Zelden ‘la condition humaine’ beter aan bod zien komen dan in deze Franse praatfilm, waarbij ik ook de bedenking wil maken dat ik heel wat moeite had om het Franse gefezel en gemompel te verstaan. Franse ondertitels hadden niet misstaan.

Bezien door de ogen van vandaag, lijkt Nous ne vieillirons pas ensemble bijna op een home video. Er wordt in de film zo naturel geacteerd dat het wel improvisatie lijkt. Toch stond elke dialoog tot in de puntjes op papier. Maurice Pialat was bezeten om een perfect realiteitsgehalte te bereiken. Zijn drang naar perfectionisme ging zo ver dat hij veruit een beroerte kreeg toen bleek dat het badpak van 'zijn' Catherine niet langer in de handel te verkrijgen was. Uiteindelijk stemde hij meesmuilend toe dat Marlène Jobert haar eigen bikini droeg.

Om te besluiten: als je niet houdt van Amerikaanse blockbusters die drijven op computeranimatie, bekijk dan Nous ne vieillirons pas ensemble. Een grotere tegenpool zal je niet vinden!

11:23 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: nous ne vieillirons pas ensemble |  Facebook |

05-08-08

3:10 to Yuma

51Evob9ywlL__SS500_

Eindelijk nog eens een onvervalste, ouderwetse western. Ik heb echt genoten van de remake van 3:10 to Yuma door regisseur James Mangold (Walk the Line). Russel Crowe zet een onvergetelijke Ben Wade neer en treedt daarmee in de voetsporen van Glenn Ford die de schurk met verborgen blanke pit in 1957 vertolkte. Christian Bale speelt overtuigend Dan Evens, de kreupele oorlogsveteraan die voor 200 dollar de outlaw op de trein moet zetten naar de gevangenis van Yuma. Ook vermeldenswaard zijn Ben Foster als supergemene Charlie Prince, Peter Fonda als de onkreukbare Byron McElroy en de 15-jarige Logan Lerman als William, Dan Evens’ dapper zoontje.

3:10 to Yuma geeft alles wat je van een spannende western mag verwachten. Voor een keertje moest ik niet op mijn uurwerk kijken want de twee uur vlogen voorbij. Geweldige acteerprestaties die voor een deel te danken zijn aan het filmen op locatie in New Mexico (en niet voor een groen scherm in een studio in L.A.). Vooral de scènes tussen Crowe en Bale leveren vuurwerk op. Wat het realiteitsgehalte betreft, laat 3:10 to Yuma wel een paar serieuze steken vallen. Peter Fonda krijgt minstens twee kogels in zijn lijf, wordt onverdoofd geopereerd terwijl zijn ingewanden eruit puilen, maar galoppeert daags nadien vrolijk rond op zijn paard. Ook het einde dat ik hier niet wil verklappen is bij de haren getrokken en dan druk ik me mild uit. Maar het kan me niet schelen, ik heb me geamuseerd.

11_300dpi

De dvd bevat ook enkele interessante extra’s, zoals een twintig minuten durende documentaire over het maken van de film (Destination Yuma) en een piepkleine documentaire 'An Epic Explored' over het westerngenre. Bijzonder interessant vond ik ‘Outlaws, Gangs en Posses’, een minidocumentaire van nauwelijks dertien minuten waarin historici discuteren over hoe het in het oude westen er werkelijk aan toe ging, en hoe dun de lijn was tussen de outlaws en de ‘Pinkertons’ die er jacht op maakten. De outlaws waren veelal oud-strijders van de successieoorlog, te vergelijken met Vietnam-veteranen, die de steun genoten van de plaatselijke bevolking. Schietpartijen gebeurden meestal tussen twee man in een duel en eindigden zonder bloedvergieten omdat de mannen te zat waren om goed te mikken. Dat ze daar eens een film over maken!

En hier is de officiële trailer:

17:03 Gepost door Jean Lievens in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: 3 10 to yuma |  Facebook |

29-07-08

Once upon a Mattrass

mattress05

De tv-film ‘Once upon a Mattrass’, geregisseerd door Kathleen Marshall, is gebaseerd op een Broadway hit van Mary Rodgers uit 1959, met Carol Burnett in de hoofdrol. Ook in de film is  de verrukkelijke Amerikaanse comédienne te zien, maar dan als de gemene Queen Aggravain. Alleen voor de verschijning van de toen 72-jarige actrice is de film meer dan de moeite waard.

Once Upon A Mattress is gebaseerd op het populaire sprookje ‘De prinses op de erwt’ van Hans Christian Andersen. Het verhaal speelt zich af in een fictief koninkrijk waar de gemene Queen Aggravain (Carol Burnett) en haar stomme (in de zin van niet kunnen speken) echtgenoot Koning Sextimus (Tom Smothers) de scepter zwaaien. Queen Aggravain is het soort moederkloek dat geen enkel meisje goed genoeg vindt voor haar zoon Prins Dauntless the Drab (Dennis O’Hare). Elke huwbare prinses stelt ze voor onmogelijke opdrachten. Zo luidt de laatste vraag uit de test voor prinses nr. 12: “Wat was de middelste naam van de schoondochter van de beste vriend van de smid die het zwaard smeedde dat het beest doodde?” Het wicht zat er één lettertje naast en buisde. Zo geraakt de prins natuurlijk nooit aan zijn grief, maar er is meer. Zolang hij niet gehuwd is, mag niemand anders in het koninkrijk trouwen.

9112_223
De poppen gaan helemaal aan het dansen wanneer Sir Henry (Matthew Morrison), de belangrijkste ridder aan het hof, ontdekt dat zijn vriendinnetje Lady Larken (Zooey Deschanel) zwanger is. Hij gaat koortsachtig op zoek naar de laatste prinses van het rijk en keert terug met prinses Winnifred (Tracey Ullman), een slordige wildebras die het hart van de radeloze prins echter meteen harder doet bonzen, tot afschuw van zijn moeder. De Queen, bijgestaan door haar tovenaar (Edward Hibbert), bedenkt meteen een snood plan om ook Winnifred uit te schakelen. De prinses moet bewijzen dat ze gevoelig genoeg is. De Queen verbergt de kleinste erwt van het koninkrijk onder haar bed, bestaande uit 20 opeengestapelde matrassen. Alleen als de nietsvermoedende prinses de slaap niet kan vatten, zal ze haar gevoeligheid bewijzen en kunnen trouwen met de prins.

inside-bunett
Om zeker te zijn, stort ze Winnifred eerst nog in een uitputtingsslag op de dansvloer, dient nog een brouwsel van warme melk met opium op als slaapmutsje en laat de tovenaar een slaapliedje zieken (in een waanzinnige scène). Winnifred doet echter geen oog dicht omdat Koning Sextimus, die de snode plannen van zijn echtgenote heeft afgeluisterd, de bovenste matrassen vol scherpe voorwerpen en wapentuig heeft laten steken. Eind goed, al goed.

morris3

Grote cinema is Once upon a Mattrass zeker niet. Het blijft in de eerste plaats verfilmd toneel. Maar de vertolkingen zijn heerlijk. Burnett is ronduit schitterend (en ziet er ook schitterend uit, ondanks de wansmakelijke, ridicule en kitscherige kledij) en zingt als de beste. Ook de toen 46-jarige Tracey Ullman zet een stevige (!)Winnifred neer. De redelijk hoge leeftijd van de geliefden (Dennis O’Hare was 43) geeft een extra absurditeit aan de hoge eisen van de koningin. Ook Edward Hibbert (die de meesten onder ons kennen als Gil Chesterson, de verwijfde culinaire criticus uit Frasier) is een showsteler. Je bescheurt je wanneer hij uitgedost als bonte vogel met getuite lippen een slaapliedje zingt (ka, ka, ka, ka…) als genadeslag om de prinses in slaap te krijgen. Tot slot is er opstormend talent Matthew Morrison (foto boven) die in 2007 nog te zien was in het geflopte Music en Lyrics, een musical met muziek van de Beatkes.

Matthew Morrison en Zooey Deschanel

 

14:15 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: once upon a mattrass |  Facebook |

28-07-08

Li'l Abner

613WKM41JCL

Er zijn zo van die musicals die te Amerikaans zijn om hier enige bekendheid te genieten. De dvd Li’l Abner is dan ook alleen te verkrijgen in zone 1-formaat. De film is een haast letterlijke verfilming van de gelijknamige Broadway musical uit 1956, zelf gebaseerd op de populaire strip van Al Capp. Dat betekent: cartooneske figuren, bordkartonnen decors en slechts enkele ‘locaties’.  De recent overleden Michael Kidd (1915-2007) tekende voor de indrukwekkende choreografie.

Door de ogen van vandaag zou Li’l Abner niet misstaan in ‘The Celluloid Closet’, een documentaire over 100 jaar homoseksualiteit in de Amerikaanse film. Vooral op het einde wanneer de tot bodybuilders getransformeerde dorpelingen enkel aandacht hebben voor zichzelf en elkaar. Maar voor we zover zijn, eerst het verhaal in een notendop. Li'l Abner Yokum (Peter Palmer) is een knappe spierbundel met een hart van goud maar een brein van de grootte van een erwt. Ander minpuntje: hij is meer geïnteresseerd in luilammen en vissen met zijn vrienden dan in zijn vriendinnetje Daisy Mae (Leslie Parrish).

julie_newmar_as_stuplyfing_jones_in_li_l_abner

De regering pikt hun dorp Dogpatch uit als testgrond voor de atoombom omdat ze het de meest nutteloze gemeente van de VS vinden. De dorpelingen reageren eerst laaiend enthousiast, tot de echte betekenis tot ze doordringt en ze er een stokje willen voor steken. De enige manier waarop ze de snode plannen van de regering echter kunnen doorkruisen, is door aan te tonen dat er wel degelijk iets nuttigs is aan hun dorp. En wat blijkt? Li’l Abner heeft zijn spierbundels en knappe verschijning enkel te danken aan Yokumberry Tonic, een brouwsel dat zijn oude Mammy hem sinds zijn geboorte dagelijks toedient. De drank wordt uitgetest op een aantal lelijkerds van het dorp, die stuk voor stuk veranderen in adonissen. Perfecte studs, eeuwig jong en mooi, maar er is één nadeel: ze zijn totaal niet meer geïnteresseerd in romantische liefde.

Peter Palmer herneemt in de film de titelrol. Hij doet denken aan de lieve versie van de gemene Gaston uit Beauty and the Beast. Ook andere spelers deden hun Broadway vertolking over in de film: Joe E. Marks als Pappy Yokum, de toen 27-jarige Billie Hayes (die vooral roem oogstte in H.R. Pufnstuf als Whichiepoo) als Mammy, Stubby Kaye als Marryin' Sam en Bern Hoffman als Earthquake McGoon… De film is vooral de moeite waard voor de uitzinnige dansnummers op muziek van Johnny Mercer en Gene DePaul en gechoreografeerd door Michael Kidd (die ook tekende voor de dansnummers in o.a. Guys and Dolls en Finian’s Rainbow).

LA25bg

Volwassenen die het kind in zich hebben bewaard en verder zien dan de cartooneske vertolkingen, zullen zeker de absurde en soms bijtende humor weten te appreciëren. Tot slot duiken in de film sporadisch een aantal oude bekenden op, zoals Jerry Lewis en de toen volstrekt onbekende Valerie ‘Rhoda’ Harper.

 

15:01 Gepost door Jean Lievens in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: li l abner |  Facebook |

27-07-08

Star!

51DQK4PA9PL__SS500_
Blij dat ik de film gezien heb, met nadruk op heb. Volgens Hitchcock is drama niets anders dan het leven, met de saaie stukjes eruit geknipt. Helaas voor Star! vergat Robert Wise er een dik uur pellicule uit weg te knippen. Julie Andrews is geweldig, maar loopt verloren in een nogal warrig script dat weinig ruimte laat voor empathie met de hoofdpersonages. Hoewel het wel moet gezegd: Danniel Massey zet een geweldige Noel Coward neer. Een andere plus is dat de film geen conventionele musical is waarin de spelers midden een conversatie een pirouette draaien en in een lied uitbarsten. Alle muzikale nummers worden, net als in Cabaret, opgevoerd in het theater (of tijdens de repetitie). 

78104398
 

Nu, voor fans van Julie Andrews (en daar reken ik mezelf bij) en het muzikale theater (sic) blijft Star een festijn, ook al is het er een met indigestie achteraf. Het verrukkelijke van Julie Andrews is dat ze altijd haar schitterende zelf blijft. Maar dat is ook haar zwakte. Je ziet Julie Andrews, nooit het personage –in dit geval de legendarische Broadway actrice Gertrude Lawrence- dat ze vertolkt. Zelfs als egocentristische bitch met kapsones blijft Julie… euh… Julie.

Als biografie van Gertrude Lawrence schiet Star tekort. Maar goed, dat was ook niet de bedoeling van Robert Wise, die een musical wou brengen gebaseerd op het leven van de ster tussen de twee wereldoorlogen in (Jammer, want Gertrude lag mede aan de basis van The King and I en was de eerste Anna on stage; ze overleed echter aan leverkanker in 1952, het jaar waarin ze een Tony in de wacht sleepte voor die rol). Toch vraag ik me af waarom de film een loopje neemt met de mannen in het leven van de musicalster. Haar eerste man in de film heet Jack Roper en is niet veel ouder dan zij. In werkelijkheid heette hij Frank Gordon-Howley en was twintig jaar ouder. De bankier die ze later in de film ontmoet heette Bert Taylor, niet Ben Michell.

side

Maar goed, dat alles doet niets af van het feit dat sommige muzikale nummers (van Cole Porter, George Gershwin en Noel Coward) tot de top van het genre behoren. Ook de decors, kostuums en historische reconstructie van het interbellum zijn verbluffend. De regisseur (Robert Wise), producer (Saul Chaplin) en ster (Julie Andrews) zijn dezelfde als die van The Sound Of Music (1965). Maar een winnend team was het deze keer niet. Net als Doctor Dolittle (1967) en Hello Dolly (1968) flopte Star! grandioos aan de kassa. Die drie films worden dan ook de doodgravers van het genre beschouwd en voor de twijfelaars gaf Mame in 1974 de genadeslag.

De veelzijdige Robert Wise noemt het floppen van Star een van zijn grootste teleurstellingen. Hij vindt dat zijn film tot een van de beste musicals van Hollywood behoort. Dat lijkt me sterk overdreven en een tikje onbescheiden. Maar de dvd (jammer van de spuuglelijke hoes) is voor een habbekrats te koop en als je de drie uur niet kan uitzitten, bekijk de film dan met de commentaartrack van de oude meester en leer iets bij.

  

10:15 Gepost door Jean Lievens in Muziek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: star, julie andrews |  Facebook |

26-07-08

Finian’s Rainbow

finiansdvd

Als musicalliefhebber (nee, ik schaam me niet) moet ik tot mijn grote scha en schande bekennen dat ik niet vertrouwd was met Finian’s Rainbow. De verfilming van deze Broadwayhit uit 1947 is echter meer dan de moeite waard, als je ten minste opgewassen bent tegen het (gebrek aan) ritme van cinema anno 1968. Ik geef 5 goede redenen:

1. De regisseur

Francis_Ford_Coppola(CannesPhotoCall)

Finian’s Rainbow is de eerste film van de bij leven legendarische regisseur Francis Ford Coppola, die met de Godfather lang op 2 prijkte van de IMDB- top 250 (recent aangevoerd door The Dark Knight). Naar eigen zeggen aanvaardde Coppola de opdracht om indruk te maken op zijn vader. Coppola was de jongste snaak op de set. De getalenteerde regisseur wou het traditionele musical zo goed mogelijk respecteren door zo min mogelijk te experimenteren, en dat komt de kwaliteit van de film helaas niet ten goede.

2. De score


71_img_anchor_home

De muziek is fantastisch. Veel melodieën klonken me verrassend bekend in de oren, zonder ze echt te (her)kennen. Op eentje na: Old Devil Moon.

En misschien ook Look to the Rainbow. En How Are Things In Glocca Morra. En…

 3. Fred Astaire

finians

De bijna 70-jarige Fred Astaire speelt hier voor het laatst een grote musicalrol (als je zijn presentatie van That’s Entertainment er niet bijtelt). Alleen al voor de sierlijkheid van zijn bewegingen zou Finian’s Rainbow verplichte kost moeten zijn voor elke discoganger en bejaarde. Eat your hart out, Michael Jackson. By the way, Astaire vertrouwde Coppola toe dat voor bepaalde dansnummers uit zijn films van de jaren 30 en 40 soms acht maanden repetitie aan vooraf gingen. Daarom leek het allemaal zo ‘naturel’.

4. Tommy Steele

3764610_tml

Tommy Steele, ooit de Britse Elvis genoemd (waarom is voor mij een groter raadsel dan de Moai van de Paaseilanden), levert hier een irreële, cartooneske “acteer”prestatie. Van zodra hij verschijnt, zuigt hij alle aandacht van het scherm naar zich toe. Meer tand dan gezicht. Vandaag zou hij waarschijnlijk digitaal worden ingevuld, want zo worden ze niet meer gemaakt.

5. Petule Clark

508222_356x237

Petula Down Town Clark bewijst hier dat ze meer is dan een verbluffend goede zangeres. Niet veel, maar toch.    

 

en nog eentje

 

11:42 Gepost door Jean Lievens in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: finian s rainbow |  Facebook |

08-07-08

I Now Pronounce You Chuck & Larry

51Z7gdNgpqL__SS500_

Mmm… Over die weet ik weet niet goed wat denken. ‘I Now Pronounce You Chuck & Larry’ (2007) is een zeer succesvolle (lees: platvloerse) Amerikaanse comedy, doorspekt met homoclichés die zelfs voor camp- en cultliefhebbers ver over de schreef gaan. Gay culture gezien door een heterobril. Het is zoals met jodenmoppen. Verteld door een jood mag je ongegeneerd lachen. Is de grollenmaker  niet-jood, dan is antisemitisme nooit ver weg.

De grappen over homostereotiepen zijn dan ook zelden grappig en helemaal gortig vindt ik het einde waarin een kus tussen twee heteromannen wordt voorgesteld als het meest weerzinwekkende dat hen kan overkomen. Het stereotiepe sissyzoontje van Larry die al tapdansend luidkeels ‘Anything You Do I Can Do Better’ uit ‘Annie Get Your Gun’  kweelt is zo afgekeken van zijn toch veel pienterder evenknie Justin uit Ugly Betty.   

Anderzijds wordt de gay cause niet echt geweld aangedaan, wel integendeel. De clichés zijn wat ze zijn, maar homohaters komen er euh… bekakt uit. Aan het eind van de film zijn zelfs de grootste homofobe brandweerlui bijgedraaid. In die zin kan een succeskraker als Chuck&Larry meer doen voor de goede zaak als artistieke, politiek correcte meesterwerken waar geen kat naar komt kijken. En Brokeback Mountain dan? Trust me, die prent had een ander doelpubliek.

Voor degene die de film gemist hebben: ik heb de dvd voor 5 euro op de kop getikt in de Media Markt. En hier is de trailer:

 

11:03 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: i now pronounce you chuck larry |  Facebook |

28-06-08

Company, a Musical Comedy

41l0wTRWZaL__SS500_

Vorig jaar nog op Broadway, vandaag uit op DVD: de revival van de geniale musical Company van Stephen Sondheim, met Raúl Esparza in de hoofdrol. Goed voor 246 voorstellingen, drie Tony’s (Beste Revival van een musical, beste acteur in een musical en beste regisseur van een musical) en een hele reeks Drama Desk Awards.

Company is zowel op het gebied van plot (relaties), structuur (niet lineair) als muziek (Stephen ‘Sweeney Todd’ Sondheim, wat wil je?) baanbrekend. Het ‘verhaal’ draait rond Bobby, een vrijgezel die als de dood is voor een vaste relatie en aan de vooravond van zijn 35ste in een soort van existentiële crisis verzeild geraakt. Hij wordt geconfronteerd met vijf bevriende koppels en drie vriendinnen. De musical volgt echter geen logisch opgebouwd verhaal, maar is een aaneenrijging van korte sketches in willekeurige volgorde die verband houden met Bobby’s verjaardag.

company2_1143052826

Company is de eerste musical die handelt over volwassen problemen en waarbij de liedjes de karakters van de spelers illustreren zonder het verhaal vooruit te stuwen. En wat voor nummers! Company, Little Things You Do Together,   You Could Drive A Person Crazy, Another Hundred People, Getting Married Today, Barcelona, Ladies Who Lunch en Being Alive.
George Firth schreef het boek, dat oorspronkelijk Threes heette, in elf aktes en had daarbij Kim Stanley in het achterhoofd als een van de hoofdrolspeelsters. Via Harold Prince belandde het boek op de tafel van Sondheim. De musical opende op 26 april 1970, met een schitterende Elaine Stritch als Joanne, en hield het 705 voorstellingen vol. Een documentaire over de opnames van de soundtrack is verkrijgbaar op dvd, helaas enkel in zone 1.

companyrev

De remake kan je bewonderen op een zone 2-schijfje. Raúl Esparza is ronduit schitterend in de rol van Bobby. Hij speelt met een naturel die zeldzaam is en zingt prachtig. Ook de rest van de cast levert een topprestatie. Alleen Barbara Walsh als Joanne stelde me ietwat teleur. Op de dvd-versie zingt ze ronduit vals (het begin van The Little Things... is niet te aanhoren) en hoewel ze een fantastische uitstraling heeft, bezondigt ze zich soms aan overacting. Op artistiek vlak mag je Company gerust een unicum noemen. Sober decor en belichting, en net als in de revival van Sweeney Todd (helaas niet uit op dvd, tenzij de concertuitvering met Patti LuPone en George Hearn) ) zorgen ook in Company de artiesten zelf voor de muzikale begeleiding.

Voor de rest: kristalheldere, sober gebrachte beelden waarbij alle aandacht van de camera uitgaat naar de expressies van de artiesten, een onberispelijk geluid maar helaas, helaas: geen extra’s. Een interview met Sondheim en de performers was hier zeker op zijn plaats geweest.

10:17 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: company, a musical comedy |  Facebook |

19-06-08

The Sondheim Collection

41Yn7vTPybL__SS500_
Goed nieuws voor de liefhebbers van Stephen Sondheim. Na de succesvolle verfilming van Sweeney Todd (wel meer Tim Burton dan Stephen Sondheim, maar ja, het is een film gebaseerd op een musical en geen verfilming van een musical), komen steeds meer musicals van Sondheim uit op dvd in zone 2. Zo is er ‘The Sondheim Collection’ die vier meesterwerken bevat. De box ziet er precies uit als de Amerikaanse evenknie, maar telt helaas twee schijfjes minder: ‘Passion’ (met de heerlijke Marin Mazzie) en ‘A Celebration at Carnegie Hall’. Wat biedt de zone 2-box dan wel?

Follies in Concert


51jy7NKH6FL__SS500_
Pas op: niet de Broadway Show en eigenlijk zelfs niet de volledige concertuivoering die plaatsvond in 1985, maar een documentaire over de repetities, gevolgd door de hoogtepunten van het concert. Follies (1971) is een verbluffende musical met bloedmooie muziek (Broadway baby, In Buddy’s Eyes, I‘m Still Here, Losing My Mind…), die ondanks 522 voorstelling er niet slaagde om uit de kosten te geraken. Redenen waren het majestueuze decor, de schitterende kostuums en een dubbele cast (voor elke rol was een jonge en een oudere ster gecast omdat Sondheim niet wilde dat jonge acteurs werden geschminkt om ze ouder te maken - kwestie van geloofwaardigheid). Voor de eenmalige opvoering in het Lincoln Centre van New York kregen de artiesten welgeteld vier dagen tijd om te repeteren. Maar wat voor artiesten: Barbara Cook, George Hearn, Mandy Pantinkin, Elaine Stritch, Betty Comdon & Adolph Green, Carol Burnett en Lee Remick. Een dvd om van te smullen. En… ook Follies wordt verfilmd!

Sunday in the Park with George


51D2tP7lUNL__SS400_
Verfilming voor TV uit 1986 van de briljante musical ‘Sunday in the Park with George’, met Mandy Pantinkin en Bernadette Peeters in de hoofdrollen. In deze musical, oorspronkelijk Off-Broadway gebracht, komt het beroemde schilderij van de pointillistische schilder George Seurat ‘Un dimanche après-midi à l'Ile de la Grande Jatte’ stukje bij beetje tot leven. Sondheim won er in 1985 de Pullizer Prijs voor drama mee. Een verkenning van kunst, liefde en bezetenheid. Ook een onbetwistbaar meesterwerk.

Into the Woods


51ZwOQmCjbL__SS500_
Wel, wat kan ik zeggen? Voor mij de leukste musical van Sondheim. Een sprookje voor volwassenen, waarin Roodkapje en de Boze Wolf (Hello Little Girl) door het bos flaneren naast Jaak (van de Bonenstaak), Assepoester en een hele batterij andere sprookjesfiguren. Bijzonder grappig en prachtige muziek. Met Bernadette Peeters als rappende heks, Joanna Gleason als bakkersvrouw en de onweerstaanbare Barbara Bryne als Jaaks moeder.

Sweeney Todd in Concert


51jE7cuFcNL__SS400_
Wie twijfelt aan de muzikale kwaliteiten van Sondheim (de Humo criticus wou bij het horen van de score van de Burton-verfilming zelf naar het scheermes grijpen – ik heb mijn abonnement meteen opgezegd, maar dat is een ander verhaal) moet zeker deze versie van Sweeney Todd bekijken en vooral beluisteren. De film van Tim Burton vind ik weliswaar geslaagd (hoewel teveel expliciete grand guignol naar mijn smaak), maar de stemmen van Johnny Depp (die nochtans niet slecht zingt) en Helena Bonham Carter zijn te zwak voor de machtige score. De concertuitvoering van 2001 met George Hearn en Patti ‘Evita’ Lupone’ is een mooi tegengewicht.

22:44 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: the sondheim collection |  Facebook |

28-04-08

Ugly Betty, Adorable Justin

ugly_betty_season_one_dvd

Weeds, Damages, Big Love, The Wire… blijven waardige opvolgers van ijzersterke Amerikaanse drama- & comedyseries zoals de Sopranos, Sex & the City, Six Feet Under… Naar mijn smaak hoort Ugly Betty in dat rijtje echter niet echt thuis. Daarom is het scenario te ongeloofwaardig, de personages te cliché en het geheel, tja, nogal kinderachtig. Meer Cruella De Ville dan Tony Soprano. Meer Chitty, Chitty, Bang Bang dan Chicago. Meer Disney dan HBO.

 1_013

Om te beginnen Ugly Betty zelf. America Ferrera is in het echte leven een knap ding (zie foto) dat voor de rol van Betty een lompe montuur, wansmakelijke beugel, plomp kapsel en spuuglelijke kleren kreeg aangemeten. Iemand mooi lelijk maken is niet echt overtuigend, zeker in Amerika waar looking good net geen wettelijke verplichting is. Verdienen lelijke actrices dan geen kans?

olivetheclippie Nu ja, misschien wordt het lelijke eendje ooit nog een mooie zwaan, maar zover zijn we nog niet. In elk geval doet de casting van Americana Ferrera me een beetje denken aan die van Anna Karen als de wanstaltige Olive (zie foto boven)  in ‘On the Buses’, de Britse sitcom uit 1969. Wat voor mij ook niet goed werkt, is de mix tussen extreem karikaturale (Wilhelmina Slater, Marc St. James) en meer realistische personages (Ignacio Suarez, Bradford Meade), of de verschijning van de beeldschone Rebecca Romijn als doodgewaande transseksuele broer.

1000019706

Gelukkig heeft Ugly Betty ook goede kanten. De look is Amélie-Poulain-fantastisch en eens je het jeugdfilmgehalte ervan hebt aanvaard, is de reeks best te genieten. Maar in tegenstelling tot Damages die ik in twee avonden tot een gat in de nacht verslond, krijg ik van meer dan twee afleveringen Ugly Betty indigestie. Er zijn twee personages waarvan ik echter niet genoeg kan krijgen: Constance Grady van de immigratiedienst, die het helaas maar vier afleveringen volhield, en vooral Justin Suarez, het twaalfjarige op mode en musical verslingerde neefje van Betty. Een sissyboy dat met baard in de keel en kokette danspasjes de grootste homoclichés weliswaar bevestigt, maar ze ook onweerstaanbaar aanvaardbaar en sympathiek maakt voor het grote publiek. Mark Indelicato is dan ook heel snel uitgegroeid tot absolute oogappel van vrouwelijk Amerika (in de ruimste zin van het woord).  

 

13:25 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (1) | Tags: ugly betty |  Facebook |

24-09-07

When the Levees Broke

612HPWCXG8L__SS500_

Het is twee jaar geleden dat de orkaan Katrina het swingende New Orleans herschiep in een moderne versie van Atlantis. Met bijna 80% van de stad onder water en de meeste inwoners op de vlucht, zag het er een moment naar uit dat de geboorteplek van de jazz definitief van de aardbol verdwenen was.

Over de ramp van augustus 2005 maakte de sociaal bewogen Amerikaanse cineast Spike Lee een sober maar ijzersterk document, met in de hoofdrol: de inwoners van New Orleans. In tegenstelling tot Michael Moore die zijn documentaires zelf voor een stuk ontkracht door er cynische opmerkingen aan toe te voegen, beperkt Spike Lee zijn commentaar tot de bonustrack. Geen sinecure als je weet dat zijn document meer dan vier uur in beslag neemt (plus nog eens 97 minuten bonusinterviews exclusief voor de dvd). Ontroerende, sterke, maar ook humoristische getuigenissen worden afgewisseld met archiefbeelden van de ramp en tv-interviews van de belangrijkste vertegenwoordigers van de overheid, die zichzelf de das omdoen.

2%20when%20the%20levees%20broke%20WHEN_THE_LEVEES_BROKE_D2-1

When the Levees Broke (Toen de Dijken Braken) brengt in vier acts het verhaal van de Apocalyps: de komst van de orkaan, de ramp, de hemeltergende nasleep en de schuchtere wederopbouw. Ook wie de catastrofe en de gevolgen destijds nauwlettend heeft gevolgd in de media, krijgt in deze documentaire niet alleen een welgekomen opfrisbeurt van het geheugen, maar ook een boel informatie die nooit eerder is doorgedrongen.

Spike Lee drukt je met de neus op het onrecht aan de hand van feiten: de lamentabele staat van de dijken, het tergende trage optreden van de hulpverlening (5 volle dagen tot de eerste hulp opdoemde!), de incompetentie van de regering Bush en Michael Brown, directeur van FEMA (Federal Emergency Management Agency). De wereldvreemdheid van moeder Bush (“geef toe, de meeste slachtoffers waren zo arm dat ze er nu beter aan toe zijn dan voor de ramp”), het cynisme van burgemeester Ray Nagin.

super_02_flood

Dan zijn er de verzekeringsmaatschappijen die weigeren de schade te vergoeden omdat ze die toeschrijven aan de overstroming en niet aan de orkaan. Winsthongerige bouwpromotoren die voor een prikje de grond willen inpalmen van de getroffen eigenaars (die het overigens niet altijd gemakkelijk hebben om hun eigendomsrecht te bewijzen). Spike Lee zoomt ook in op de berichtgeving in de media die de slachtoffers steevast bestempelden als ‘vluchtelingen’. Alsof ze niet alleen hun huis, maar ook hun Amerikaans burgerschap hadden verloren.

Families werden uiteengetrokken en geraakten elkaars spoor volledig bijster. Het leger dreef mensen die de stad probeerden te ontvluchten gewapenderhand terug. Slachtoffers hadden maanden na de ramp nog geen cent overheidssteun ontvangen. Die schrijnende tekortkomingen van de overheid op sociaal vlak staan in schril contrast met de miljarden die de oorlog in Irak opslorpt. En zou het ook kunnen dat het gebrek aan belangstelling van de overheid te maken heeft met het feit dat 70% van de inwoners van New Orleans Afro-Amerikanen zijn?

Maar niet Spike Lee dramt je al die boodschappen door de keel, wel de vele gewone mannen en vrouwen die hij aan het woord laat. Talking Heads. Indrukwekkend.

Voor mij minstens vier sterren!

 

 

15:59 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: when the levees broke, spike lee |  Facebook |

20-09-07

The Great Global Swindle

51XrLunst6L__SS500_

Vandaag beweren dat de mens niet verantwoordelijk is voor de opwarming van de planeet, is voldoende om je te veroordelen tot idioot of Bush-aanhanger, wat eigenlijk hetzelfde is. Toch is dat de stelling die verdedigd wordt in The Great Global Swindle, een antwoord van BBC Channel 4 op An Inconveniant Truth van Al Gore.

 

Doorheen de documentaire draaft een hele resem wetenschappers die de algemeen aanvaarde stellingen over de menselijke verantwoordelijkheid voor de opwarming van de planeet weerleggen. Volgens hen is niet koolstofemissie maar wel actievere zonneactiviteit verantwoordelijk. Vooral interessant zijn de bedenkingen van Nigel Calder, wetenschappelijk publicist en voormalige hoofdredacteur van de New Scientist. In 1974 werkte hij aan een BBC-serie over de rampzalige gevolgen van… de wereldwijde afkoeling! Een nieuwe ijstijd gluurde toen achter het hoekje. Wereldwijde temperatuurdalingen sinds 1945 schenen die stelling te bevestigen. En: die afkoeling viel precies samen met de naoorlogse economische boom, verantwoordelijk voor een explosieve groei van koolstofuitstoot in de atmosfeer.

1656_al_gore
 

De geschiedenis van de aarde is er een van voortdurende klimaatveranderingen, ook in de recente menselijke geschiedenis. De documentaire wijst op een warme periode in de middeleeuwen, toen wijnranken groeiden in Londen, maar ook een mini-ijstijd, toen de Thames er elk jaar bevroren bijlag (denk ook aan de wintertaferelen van Bruegel).

 

Verder toont de documentaire aan dat de stijging van koolstof in de atmosfeer de opwarming niet voorafgaat, maar volgt! Bovendien vormt koolstof maar een kleine fractie van de broeikasgassen: bijna 99% is afkomstig van vulkanen, dieren en planten. Er is ook niets nieuws aan het smelten van de poolkappen, die voortdurend inkrimpen en uitbreiden; of aan plaatselijke stijgingen van het zeeniveau.

 
bruegel

Vanwaar dan al die heisa? Ook op die vraag probeert de documentaire een antwoord te geven. Een van de eerste politici die de theorie van opwarming door koolstofuitstoot zou omarmd hebben, blijkt niemand minder dan Margareth Thatcher. De Iron Lady wou de macht van de mijnwerkers breken. Bovendien had ze geen vertrouwen in de oliebevoorrading vanuit het Midden-Oosten. Ze was felle voorstander van kernenergie en het apocalyptische toekomstbeeld van een warmere aarde door koolstofemissie, veroorzaakt door de mens, stond haar wel aan. De algemeen gangbare theorie over de klimaatopwarming past verder ook prachtig in het kraam van degene die zich kanten tegen de industrialisering van de derde wereld. Tot slot is de gangbare opwarmingstheorie big business geworden.

Margaret_Thatcher_80th_Birthday
 

Natuurlijk heeft de documentaire van Martin Durkin heel wat deining en controverse veroorzaakt. Alvast één wetenschapper die eraan meewerkte, heeft zich ervan gedistantieerd omdat zijn uitingen door behendig knip- en plakwerk verdraaid werden weergegeven (hetzelfde argument dat andere wetenschappers de Gore-documentaire hebben verweten). En veertig klimaatexperts wijzen in een open brief aan de makers op zeven belangrijke misvattingen. De hoofdstelling, namelijk dat de opwarming het gevolg zou zijn van de activiteit van zonnevlekken, vegen ze helemaal van tafel.

 

Wat er ook van zij, het minste dat je uit de Grote Zwendel kunt leren, is dat de wetenschappers lang niet zo unaniem zijn als Al Gore ons wil doen geloven. Je kunt je overigens ook de vraag stellen waarom een voormalige vice-president van de grootste kapitalistische macht ter wereld zich ontpopt tot ’ s werelds beroemdste milieuactivist.

Daarmee wil ik niet zeggen: ‘het is allemaal quatsch’… Fossiele brandstoffen zijn niet onbeperkt, industriële en andere vervuilingen zijn redenen genoeg om de milieuproblematiek uit te roepen tot een van de grootste uitdagingen van de mensheid. Maar het zou de anti-globalisten ook niet misstaan om ook eens de economische belangen te onderzoeken die achter de huidige opwarmingsheisa en de milieu- (en kern!)industrie schuilen.

Voor mij drie sterren...

 

 

10:40 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: the great global swindle, al gore |  Facebook |

01-08-07

Medium: leve de doodstraf!

51MVtrDDiKL__SS500_

 

Sinds The Sixth Sense is het zien van dode mensen trendy, en dat aan beide zijden van de oceaan. Zo vergast het Britse ITV ons in 2005 op Afterlife, een briljante serie waarin Leslie Sharp op hartverscheurende wijze gestalte geeft aan Alison (met één l) Mundy, helderziende tegen wil en dank. In hetzelfde jaar pakt het Amerikaanse NBC uit met Medium, waarin Patricia Arquette de titelrol vervult. Van afkijken dus geen sprake. Helaas.

 

Arquette speelt Allison (met twee l’en) Dubois, moeder van drie kinderen die haar paranormale talenten ten dienste stelt van Manuel Devalos (Miguel Sandoval), openbaar aanklager in Phoenix, Arizona. Allison trekt doden aan als stroop vliegen. Ze houdt zich mijlenver van hospitalen en bejaardentehuizen omdat ze anders handen te kort heeft om de geesten van haar lijf te kloppen. Behalve haar theekransjes met overledenen, krijgt ze te pas maar meestal ten onpas (en in bed) visoenen. Ook valt ze nu en dan flauw als ze iemand met een slecht karma de hand schudt. Kortom, ze is Alison Mundy (Afterlife), overgoten met Johnny Smith (Dead Zone) en afgetopt met Cole Sear (The Sixth Sense). En, schrik niet, haar personage is gebaseerd op een echte profiler.

 

0000007735_20060920145030

 

Laten we beginnen met de sterktes van de serie. Voor zijn genre wordt er in Medium behoorlijk geacteerd (Arquette kreeg in 2005 een Emmy voor beste vrouwelijke hoofdrol) wat de geloofwaardigheid van de bij de haar gesleurde plots ten goede komt. Vooral de bekvechtende kinderen Ariel (Sofia Vassilieva: uitkijken naar die!) en Bridgette (Maria Lark) zijn verrassend overtuigend (bewaar me van het grut uit 7Th Heaven). Medium is net als CSI of Criminal Minds vakkundig gemaakt, maar dat zijn balletjes in tomatensaus van Heinz ook. Net als de meeste Amerikaanse feuilletons klikt elke aflevering precies af op de opgelegde inbliktijd van 42 minuten, in Amerika goed voor één uur tv. Alleen betaalzenders zoals HBO of Showtime wijken van dat keurslijf af.

 

De donkere kant van Medium ligt niet zozeer in de hulpvaardige spoken (in tegenstelling tot de engerds uit Afterlife), maar wel in de reactionaire kantjes. De doodstraf is een evidentie, mensen zijn goed of slecht (ook al hebben ze hun misdaad alleen nog maar in de dromen van Allison gepleegd), het doel heiligt de middelen. Hoewel elke episode een apart verhaal brengt, wordt meestal hetzelfde stramien gevolgd: a) Allison heeft een nare droom, b) haar man gelooft er niet in (het was maar een droom), c) de droom komt uit. Na tien afleveringen zijn de spoken geloofwaardiger dan het ongeloof van de echtgenoot.

 

Medium kan niet tippen aan Afterlife. Maar als je het leven na de dood interessanter vindt dan dat ervoor, zal je er wel van genieten.

 

Om het in sterretjes te zeggen: **1/2

 

 

13:38 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: medium, patricia arquette, afterlife |  Facebook |

29-07-07

The Thick of It: Yes Minister in de 21ste eeuw?

51Awge898AL__SS500_

Een kwart eeuw na Yes, Minister, een van de beste Britse comedyseries aller tijden, pakte de BBC in 2005 uit met The Thick of It, een politieke satire met een vette knipoog naar de regering Blair. Hier hebben niet de hoge ambtenaren van Whitehall de echte touwtjes in handen, wel de spindokters van Downing Street. In plaats van het geraffineerde kat-en-muisspel tussen Humphrey Appleby en James Hacker krijgen we hilarische scheldtirades tussen de adviseur van de premier Malcolm Tucker (Peter Capaldi) en de incompetente minister van Sociale Zaken Hugh Abbot (Chris Langham).

 

The Tick of It zit intelligent in elkaar. De plot draait meestal rond aaneengeregen misverstanden en communicatiestoornissen, met meestal desastreuze gevolgen in de media. Peter Capaldi is hilarisch als bezeten spindokter. Maar in tegenstelling tot de verfijnde humor van Yes Minister, moet The Tick of It het vooral hebben van vuilgebekte dialogen (come the fuck in or fuck the fuck off). Er wordt meer in gevloekt dan in de Sopranos.

 

thickofit_1

 

The Thick of It maakt net als de HBO comedy Curb Your Enthousiasm of de nu al legendarische Britse serie The Office gebruik van improvisatie en documentairestijl. De scènes zijn gebaseerd op een haastig bijeengeschreven script, dat wordt aangedikt en verfijnd met invallen van het moment en de improvisatietalenten van de spelers. Die aanpak geeft de serie een zeer hoge graad van authenticiteit, met acteurs die net als echte mensen stotteren, naar hun woorden zoeken, zinnen niet afmaken en door elkaar praten. Schokkende camerabeelden en naar scherpte zoekende close-ups moeten het realiteitsgehalte ten top drijven. Op die manier krijgt The Thick of It de look en feel van een (slecht gemaakte) homevideo.

 

Maar bij dergelijke ‘dogma’-technieken is voorzichtigheid geboden. Vaak moet je zelf naar de grappen vissen in de modderpoel van overlappende dialogen. Dat is geen pleidooi voor een terugkeer van het lachbandje dat je aangeeft bij welke grap je moet ginnegappen, maar zonder de Engelstalige ondertiteling (de dvd is vooralsnog niet verkrijgbaar met Nederlandse ondertitels) vind ik de Thick of It haast niet te volgen. De wildschokkende camerabeelden helpen daar niet bij. Bovendien moet je goed vertrouwd zijn met het reilen en zeilen van politiek Groot-Brittannië om de vele knipogen naar bestaande situaties te begrijpen.

 

thickofit

 

Van de The Thick of It zijn (nog) maar zes afleveringen gemaakt (voor twee seizoenen!). De serie sleepte verschillende prijzen in de wacht, waaronder twee BAFTA TV Awards en een British Comedy Award voor Chris Lagham.

 

Mij kan The Thick of It maar matig bekoren. De doelbewust slordige opnames werken beter in een crimeserie zoals The Shield, terwijl de inflatie van “fucks” en “shits” zelfs matrozen doet blozen. Geef mij maar de fijnbesnaarde overdrijvingen van Humphy en Wooly, en de beschaafde verontwaardiging van Jim. Dat Yes, (Prime) Minister ook de lievelingsserie van Thatcher was, neem ik graag bij.     

 

Om het in sterretjes te zeggen: **1/2

 

09:06 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: the thick of it, yes minister |  Facebook |

22-07-07

Huff: Great Stuff!

huff

 

Wie houdt van Six Feet Under, The Sopranos of Weeds zal zeker zijn hartje ophalen in Huff, alweer een briljante Amerikaanse tv-serie die bewijst dat kwaliteit en commercie niet noodzakelijk elkanders tegenpolen zijn. In de lage landen zijn de lotgevallen van psychiater Craig Huffstodt alleen te volgen op RTL4, maar hopelijk komt, in navolging van Deadwood en The Wire die hier evenmin op tv kwamen, ook deze parel bij ons uit op DVD. Zoniet is er nog altijd Amazon (Huff is verkrijgbaar in zone 2).

 

wallpaper1_1024x768

 

Huff is een intelligent geschreven en superbe geacteerde dramaserie rond de midlifecrisis van een rijke middenklasser in L.A.  Maar ze borrelt ook over van humor, voert intrigerende, veelgelaagde personages ten tonele en is bovendien overgoten met droomsequenties en flashbacks die de serie een extra dimensie bezorgen. Kortom, Huff is een ingenieus mengsel van drama en comedy dat gerust kan wedijveren met het beste van HBO en BBC. 

 

De pilootaflevering grijpt je meteen bij de keel. Een vijftienjarige patiënt jaagt zich voor de neus van zijn psychiater Craig Huffstodt (Hank Azaria) een kogel door de kop. De scène is akelig realistisch in beeld gebracht, wat je niet echt verwacht in een comedy. Het drama gooit het leven van de dokter helemaal overhoop. Waarom heeft hij de jongen niet kunnen redden? Bovendien begint ook zijn gezin steeds meer op een gekkenhuis te lijken.

 

4748_1127830725

Blythe Danner kreeg een Emmy voor haar vertolking van Izzy

 

Craig "Huff" wordt omringd door zijn vrouw Beth (Paget Brewster), zijn veertienjarige zoon Byrd (Anton ‘Hearts in Atlantis’ Yelchin – het enige volwassen karakter in de serie), zijn bemoeizieke en getormenteerde moeder Izzy (Blythe Danner die voor haar vertolking beloond werd met een Emmy), zijn jongste broer en psychiatrisch patiënt Teddy (Andy Comeau) en zijn boezemvriend Russell (Oliver Platt die een Emmy had moeten krijgen), een pilslikkende, whiskyzuipende, cocaïnesnuivende, seksueel geobsedeerde advocaat.

Daarnaast flaneren nog een aantal interessante nevenpersonages door het beeld zoals de psychotische Melody (Lara Flynn Boyle), Huffs vuilgebekte secretaresse –oeps office manager- Paula (Kimberly Russell), Beths terminaal zieke moeder Madeline (een schitterende Zwoosie Kurtz) en de dakloze Hongaarse muzikant Istvàn (Jack Laufer). Een deus ex machina die te pas en te onpas opduikt in het verhaal. Maar... bestaat hij echt, of alleen in het hoofd van de dokter? 

0000007117_20060920141554

Anton Yelchin: de enige volwassene  

Je kunt in Huff een mix zien van American Beauty, A Beautiful Mind, Weeds en Six Feet Under, maar ook als een absoluut originele serie die alleen al verbazing opwekt omdat ze gemaakt werd. Complexe personages, dialogen bol van schuttingwoorden, frontale mannelijke naaktheid, seksueel actieve minderjarigen (de blowjobparty!)… en dat in het Amerika van George Bush. Het geeft hoop. En net als andere sublieme tv-series als Weeds en Dead Like Me is Huff geen product van HBO, maar van Showtime.

 

Om het in sterretjes te zeggen: ****

 

 

 

 

 

15:06 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: huff, showtime |  Facebook |

15-07-07

The O.C.: na vier seizoenen K.O.

OC-Season4-New

 

Een soap over de pathetische problemen van la jeunesse dorée in Orange County (O.C.) die zowel meeslepend, origineel als humoristisch is, je moet het maar doen. Nochtans heeft de serie alles in huis om in de afgrond van de debiliteit te donderen: personages die te mooi zijn voor deze wereld, het decor van Baywatch en een aaneenrijging van onwaarschijnlijke toevalligheden. The O.C. slaagt er echter in zich boven de clichés te verheffen dankzij geloofwaardige personages met een hoge aaibaarheidsfactor, een subtiele zelfironie en een verslavende verhaallijn.

 

oc_wideweb__470x328,0

Glamoureuze cast

The O.C. is gebaseerd op een klassiek thema: een arme jongen komt terecht in een welgesteld gezin. De jongen is Ryan Atwood, gespeeld door debutant Benjamin McKenzie, het gezin de Cohens, met vader Sandford “Sandi” (Peter Gallagher), zijn echtgenote Kirsten (Kelly Rowan) en zoon Seth (Adam Brody). De eerste reeks draait vooral rond de amoureuze perikelen tussen Ryan en het ongenaakbare buurmeisje Marissa (Mischa Barton), in alle opzichten elkaars tegenpolen, en tussen Seth, een wereldvreemde geek en Summer (Rachel Bilson), een personage dat evolueert van Queen of bimbo’s tot radicale milieu-activiste ("Chicken lovers of the world, unite!" ...please!).

 

oc_ryan_full_fox

debutant Benjamin McKenzie

Klassieke ingrediënten voor een tienerdrama, maar omdat The O.C. ook de beslommeringen van de volwassenen niet verwaarloost, is de serie genietbaar voor een zeer breed publiek. Bovendien is The O.C. uitgegroeid tot een cultureel fenomeen in de VS. Het samen vieren van kerstmis en hanoeka in gemengde Christelijke-Joodse gezinnen bestaat er al lang, maar The O.C. gaf er een naam aan: Chrismukkah, een samentrekking van Christmas en Hanukkah. Of de Nederlandse vertaling kerstnoeka hier zal doordringen, is minder waarschijnlijk.

 

8593_23791_1

Adam Brody zet overtuigende geek neer

 

Sterke punten van The O.C. zijn de overtuigende acteerprestaties (op die van Mischa Barton na, nochtans de enige echte tiener tussen een cast van twintigers) en een intelligent script. In de zin dat het je op een ingenieuze manier verslaafd maakt aan de serie. Je leeft mee met de personages omdat ze van (mooi) vlees en bloed zijn en om de haverklap verkeerde beslissingen nemen. Je zit voorturend uit te roepen: ‘Oh, nee, doe dat niet!’ Gelukkig loopt het altijd goed af zodat de feel good-factor gerespecteerd blijft. Ook de voortdurende misverstanden houden je gekluisterd aan het scherm (hoe zou dat aflopen?).

 

the_oc_narrowweb__300x389,0

Misha Barton achtte zich te goed voor de reeks

Die loftrompet geldt helaas uitsluitend voor de eerste twee seizoenen. In het derde seizoen gaan de scenaristen wanhopig op zoek naar nieuwe verhaallijnen, want op de duur kan het je echt geen moer meer schelen of Ryan en Marissa al dan niet bij elkaar blijven. Dus: Marissa geraakt aan de drugs en lagere wal, Kirsten grijpt naar de fles en Bitchtroll from Hell Julie Cooper krijgt menselijke trekjes. Omdat Mischa Barton een vierde reeks niet meer zag zitten wegens hogere ambities in de filmwereld (geheel ten onrechte), komt haar personage aan het einde van de derde reeks om in een auto-ongeval. Een dramatische wending die de serie uit zijn lood slaat, maar bij mij een zucht van oplichting ontlokte.

 

Het vierde en laatste seizoen dat nu in de rekken ligt, probeert de averij te herstellen door een lichtere toon, meer humor en een happy ending. Maar als de scenaristen daarbij hun toevlucht moeten zoeken in droomsequenties, irritante flashbacks en zelfs een alternatieve verhaallijn in een parallelle wereld (Ryan en zijn nieuwe vrienden Taylor liggen allebei in een coma), dan weet je hoe laat het is: tijd om ermee op te houden.

 

Om het in sterretjes te zeggen:

***1/2 voor seizoen 1 & 2;

** voor seizoen 3 & 4.

 

 

 

12:59 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (1) | Tags: the o c |  Facebook |

11-07-07

Dreamgirls: een nachtmerrie

515nZOhDIxL__SS500_

Oké, alvorens de vitrioolbus boven te halen, het volgende: ik heb mijn biefstuk graag goed doorbakken, verkies Grand Marnier boven Curvoisier, de vlooienmarkt boven het museum en… ik houd van musicals! Dankzij de huidige revival loop ik zelfs het risico om trendy te worden. Hollywood verfilmt Broadway aan de lopende band: Chicago, The Producers, Rent, Phantom of the Opera en binnenkort Hairspray en Sweeney Todd.

 

13dreamgirls_533

Dreamgirls: The Supremes, maar dan zonder de leuke deuntjes

 

Dreamgirls opende op Broadway in december 1981 en hield het 1.521 voorstellingen vol. Maar de revival van 1987 gaf er na 177 opvoeringen al de brui aan. En de film… laten we zeggen dat ik het meest heb genoten van de eindgeneriek.

 

Het verhaal van Dreamgirls is losjes gebaseerd op dat van The Supremes en Motown. Deena Jones (een tien kilo afgevallen Beyoncé Knowles), Effie White (een tien kilo aangekomen Jennifer Hudson) en Lorrell Robinson (een verdienstelijke Anika Noni Rose) vormen samen de Dreamettes. Via producent Curtis Taylor Jr. (Jamie Foxx) trekken ze voor het eerst publieksaandacht als achtergrondkoortje van James ‘Thunder’ Early (Eddy Murphy), een soulzanger op retour. Al gauw breken ze door als sologroep, en de miserie begint. Zowel voor de personages als de toeschouwers.

 

061221_TAP1_DreamgirlsEX

Jennifer Hudson: indrukwekkend keelgeluid

 

Eerste valse noot: de muziek. De Dreamettes, later omgedoopt tot de Dreams, lijken als twee druppels op de Supremes, op één ietsepietsie verschilletje na: de muziek. Het is totaal ongeloofwaardig dat het publiek zo uit de bol gaat voor de schreeuwerige nummers van Krieger, ook al zijn ze gebracht in een suikerspinnendecor dat zelfs de travesties van Prescilla, Queen of the Desert overdreven zouden vinden. Terwijl je met naar beneden wijzende mondhoeken kriegel wordt van de soundtrack van Krieger, zit je te snakken naar ‘Baby Love’, ‘Stop in the Name of Love’ of ‘You Cant’t Hurry Love’. Waarom een fictief verhaal verfilmen als het origineel zoveel beter is?

 

De zwakke score blijft bovendien niet beperkt tot het podium, ook in het midden van de dialogen barsten de spelers uit in gezang dat zelfs loopse katers jaloers zou maken. Als Effie na haar ontslag uit de band woedend op haar manager afstormt, zet ze haar keelgat open in plaats van hem een dreun in het gezicht te verkopen. Nu ja, voor Jamie Foxx is de schade nog groter, maar waarom moet het publiek in de klappen delen? Begrijp me niet verkeerd, Jennifer Hudson heeft een stem als een klok, maar klinkt vaak alsof ze tot bekentenissen wordt gedwongen in Guantanamo.

 

movieguide_winter06_dreamgirls_hmedium

Eddy Murphy: vist achter het net bij de Oscars

 

Ten slotte is er de cast. Eddy Murphy kreeg een Oscarnominatie, maar werd geklopt door Alan Arkin (Little Miss Sunshine). Hoewel de zwarte komiek in een karaokebar ongetwijfeld met de kalkoen zou lopen, weet hij mij niet te overtuigen als professionele zanger. In zijn rol van verweerde junk ontpopt hij zich als begenadigd dramatisch acteur, maar op het podium kan hij het bekkentrekken niet laten. Ik zie weer Axel Foley en hoor de ezel uit Shrek. Jennifer Hudson mag wel de Oscar voor beste actrice in een ondersteunende rol op haar schoorsteen zetten, maar dat bewijst alleen maar dat de Academy thuishoort in een geriatrische instelling. Jamie Foxx is altijd goed, Anika Noni Rose een aangename verrassing, maar Beyoncé die in de schoenen van La Ross moet kruipen, vult amper de grote teen.

 

Ben ik niet te streng voor Dreamgirls? Ongetwijfeld. Niet omdat ik baal van musicals, maar juist omdat ik er dol op ben. Bill Condon is een talentvolle scenarist (van ondermeer Chicago, Kinsey en Gods and Monsters) en een niet onverdienstelijke regisseur. Dreamgirls vertelt een interessant verhaal en heeft al bij al geen slechte cast. Maar een zwakke muzikale score wordt er echt niet beter op door ze harder te zingen en te overgieten met een strooplaag waaronder zelfs de Sissifilms zouden bezwijken. Een goede film? In your dreams!   

 

Om het in sterretjes te zeggen: **

 

11:22 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dreamgirls |  Facebook |

09-07-07

Grumpy Old Women: de boosheid van de menopauze

 

51DXMC31VHL__SS500_

 

Op dvd enkel in het Engels, maar wel in zone 2

 

Op het randje van de menopauze of net erover, één ding hebben de dames uit Grumpy Old Women met elkaar gemeen: ze zijn boos. Boos op opgedirkte partypoopers die op het jaareinde met kerstmuts, hoge hakken en siliconen boops de aandacht van alle mannen wegkapen op het personeelsfeest. Kwaad op hun echtgenoten die net als zij over alles en nog wat klagen, maar dan zonder reden. Geërgerd omdat winkeliersters ondereen gibberen in plaats van hen op hun wenken te bedienen. Pisnijdig omdat ze altijd in een uithoek van de parking van de supermarkt moeten parkeren omdat ze geen kleine kinderen of grote handicap hebben. Op het randje van een zenuwinzinking omdat hun moeder hen terugstaart als ze in de spiegel kijken. Over alles en nog wat luchten ze hun hart, maar met een zin voor humor die zaniken tot kunstvorm verheft.

 

mob38_1131843260

Grumpy Old Women is een zesdelige serie van de BBC waarin ondermeer Annette Crosby (One Foot in the Grave), Germaine Greer (schrijfster), Jenny Edair (stand-up), Sheila Hancock (actrice), Stephanie Beacham (Bad Girls) naast een hele resem andere dames van jaren maar met humor de revue passeren. Ooit waren ze de hete chicks van de sixties en seventies, de voorhoede van de seksuele revolutie. Woodstock, baas in eigen buik, cannabis en coke, verbrande bh’s… je kunt ze hen moeilijk voorstellen als je ze nu in al hun burgerlijke molligheid tekeer ziet gaan tegen de jeugd van heden. Slechts één ding vinden ze leuk aan hun leeftijd: ze hoeven niet langer een blad voor de mond te nemen. De cellulitis, paparmen (vrouwen boven de veertig moeten verboden worden te wuiven met blote armen), onvindbare modieuze kleren in hun maat (Greer past alleen nog in mannenpakken), uitdijende spleet tussen de tanden (een nieuwe schuilplaats voor voedselresten), de overwinning van de zwaartekracht op hun borsten (de potloodtest? Zeg maar de schrijfmachinetest!)… nemen ze er noodgedwongen bij.

 

p2656_m1

Als uitsmijter is er de kerstaflevering waarin de dames geen spaander overeind laten van de oeroude rituelen die de Britten als geen ander volk zouden koesteren. Waarom eet je groenten waarvoor je de rest van het jaar de neus ophaalt? Wat is er lekker aan een uitgedroogde vogel die je met moeite uit de oven krijgt (net een dood dik kind)? Waarom krijg je van je moeder een boek dat je haar vijf jaar geleden zelf cadeau deed? Of een fel geslonken stuk zeep aan een touw, waarin een schaamhaar kleeft? Het enige voordeel aan kerstmis is dat je van ’s morgens vroeg kunt drinken, anders kom je de dag nooit door. Grumpy? Fuck, yes!

Grumpyweb

 

Om het in sterretjes te zeggen: ***1/2
 

11:23 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (0) | Tags: grumpy old women, dvd, humor |  Facebook |

06-07-07

Das Parfum – Die Geschichte eines Mürders: The Sweet Smell of Success

51nZ-gQLE3L__SS500_

Perfume van Tom Lola Rennt Tykwer is een bloedmooie film. Decors, fotografie, muziek, acteerkunst en verhaal vloeien prachtig samen in een zinnelijk festijn. In tegenstelling tot Polyster van John Waters, heb je geen scratchkaart nodig om de geuren op het scherm te ervaren. In Perfume ruik je met je ogen en oren.

 
docj1CtJr+9FAmV0+prYKbWxQ==

Pretty Boy Ben Whishaw als Grenouille

 

De film vertelt het verhaal van een jongeman die een hele rits vrouwen vermoordt om hun geur te bewaren en te verwerken in een parfum. Toch is het geen verhaal over een seriemoordenaar, maar een fabel die veel meer doet denken aan Sleepy Hollow dan aan Se7ven of The Boston Strangler.  Het parfum staat symbool voor het ultieme liefdeselixir, waarvoor maar één prijs bestaat: de dood.  

Critici die de prent afkraken omdat “het boek beter” is, verdienen hetzelfde lot als Jean-Baptiste Grenouille in de film. Film en litteratuur verhouden zich als gewichtheffen tot voetbal. Het zijn allebei sporten, maar uit totaal verschillende disciplines. Je kraakt Lerner en Loewe ook niet af omdat Pygmalion beter zou zijn dan My Fair Lady, om maar iets te zeggen. Het verwijt dat Tykwer hele hoofdstukken uit het boek heeft weggehapt, of dat Ben Whishaw een veel te mooie jongen is om de golemachtige Grenouille te vertolken, raakt mijn koude kleren niet. Liever 147 minuten Ben Whishaw op het scherm zien flaneren dan, pakweg, Jacques Vermeiren.

 
parfum02

Dustin Hoffman zorgt voor een lichtere noot als Baldini

 

Als ik de film overigens iets te verwijten heb, is het zijn lengte. “To many scenes” om Jeffrey Jones in Amadeus te parafraseren. Of om Hitchcock aan te halen: De lengte van een film moet recht evenredig zijn met het uithoudingsvermogen van de menselijke blaas.” In Perfume moest ik twintig minuten voor het einde even weg. Gelukkig leven we in het tijdperk van dvd en homecinema, maar dat neemt niet weg dat ik tweekeer “Boring!” heb geslaakt. Voor mijn doen valt dat echter reuze mee. Tegenwoordig rollen ze in Hollywood in een lachkramp over de vloer als je voor een film van het kaliber van Perfume een budget van 50 miljoen euro voorstelt. De Da Vinci Code kostte 2,5 keer zoveel, met een 25 keer slechter resultaat. Gelukkig hoeven we in Europa geen bordkartonnen decors op te trekken om het Parijs van de late middeleeuwen te reconstrueren. Een paar emmers modder en wat rottende kadavers in een Barcelonese straat, en: Actie!  
picx_fpfr2039617111

Filmen op locatie... in Barcelona!

 

Pas op, ik behoor niet tot de groep Eurofiele cultuursnobs die geen goed woord over de lippen krijgen als ze een Amerikaanse film becommentariëren. Als ik uit mijn blote hoofd tien goede films afdreun, zitten er elf Amerikaanse bij. Maar Perfume brengt bij mij weer de cinematografische pracht van Italiaanse grootmeesters als Bertolucci, Fellini en Visconti in herinnering. Dat Baldini (Dustin Hofmann), Richis (Alan Rickman) en Grenouille (Ben Whishaw) Engels praten in het Parijs van de achttiende eeuw en in een Duitse productie (met ook een Franse en Spaanse euro in het zakje) neem ik er graag bij. Stel je voor dat ze Duits zouden praten. Want pas op, naast de regisseur en producent zijn er immers ook ‘vielen deutschen Schauspielern in den Nebenrollen…” 

Om het in sterretjes te zeggen: ****

12:52 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (1) | Tags: perfume |  Facebook |

04-07-07

Weeds (2): Little Boxes

 

"Little Boxes" - Theme song van Weeds, gezongen door Malvina Reynolds (1900-1978), een Amerikaanse folkzangers, songwriter en politieke activiste.

Malvina Midler's werd geboren uit Joodse immigranten die zich als socialisten verzetten tegen WOI. Ze trouwde William Reynolds, een timmerman en communistisch activist.

Malvina doctoreerde in 1938 aan Berkley University (ze was Master of Arts in English) en begon pas op latere leeftijd haar muzikale talenten te ontplooien. Ze was al eind in de veertig toen ze terugkeerde naar Berkley om muziektheorie te studeren. “Little Boxes” is een van haar populairste liedjes en handelt over het voorstedelijke leven in Daly City, Californië.

Geen Little Boxes op YouTube, wel No Hole in My Head

 

22:55 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (1) | Tags: little boxes, malvina reynolds, weeds |  Facebook |

Weeds: een goede oogst

516MJNF8C7L__SS500_
 
Weeds is het zoveelste bewijs dat filmkunst tegenwoordig meer op de buis wordt bedreven dan in de bioscoop. En voor een keertje komt die sprankelende en vooral originele comedyserie niet uit de HBO-stal, maar werd ze geproduceerd door Lions Gate Television, ook verantwoordelijk voor het langst uitgemolken Stephen King-verhaal The Dead Zone.

 

weeds6_1

 

 

Het was wel even zweten toen HBO na Six Feet Under, Sex and the City en Curb your Enthousiasm ook de Sopranos ten grave droeg. Opvolgers als Entourage, Big Love en Rome steken nog altijd met kop en schouder boven de trash die de bioscopen overspoelt, maar kunnen toch niet tippen aan hun voorgangers. Gelukkig straalt de kwaliteitsteevee van HBO ook af op andere productiehuizen.

 

De tagline van Weeds luidt: ‘Putting the Herb in Suburb’. Waarover gaat het? Nancy Botwin (Mary-Louise Parker) probeert na de plotse dood van haar man haar hoofd en dat van haar twee zonen boven water te houden door in haar buurt cannabis te slijten. In tegenstelling tot het clichébeeld dat vooral wij Europeanen hebben over suburbia in Amerika, wordt het Californische slaapstadje van Weeds bevolkt met excentriekelingen zoals gemeenteraadslid en Nancy’s hoofdklant Doug Wilson (Kevin Nealon), de aan borstkanker lijdende voorzitster van het oudercomité Celia Hodes (Elizabeth Perkins) of de disfunctionele zwarte familie die Nancy voorziet van haar koopwaar.

 

0000008564_20060920153629

Alexander Gould

 

Kinderen die net hun vader hebben verloren, een vriendin die kanker krijgt, intimidaties door rivaliserende drugbendes… op het eerste gezicht materiaal voor een misdaad- of dramaserie. In de handen van scenariste Jenji Kohan, die eerder haar sporen verdiende als schrijfster voor Sex and the City, the Gilmore Girls en Will & Grace, leidt het tot scènes die zowel natuurgetrouw als dolkomisch zijn. Vooral de manier waarop de tienjarige Shane (Alexander Gould) omgaat met de dood van zijn vader is hilarisch.

 

Het ijzersterke script wordt tot leven gebracht door een verbluffende cast die op een mum van tijd overladen werd met nominaties. Tot nu toe wisten alleen Marie-Louise Parker (Golden Globe voor beste actrice in tv-comedy of musical) en Alexander Gould (Young Artist Award voor beste ondersteunde rol in een tv-serie) hun nominatie daadwerkelijk te verzilveren, maar de voltallige cast werd genomineerd voor een Screen Actors Guild Award voor beste ensemble in een comedyserie.

 

En zoals het een kwalitatieve voltreffer betaamt, is Weeds bijzonder zuinig op het aantal episodes per seizoen. Amper tien afleveringen, maar wel goed voor in totaal vijf uur genieten, nu eens met een glim- dan weer met een schaterlach. En je hoeft er niets bij in te nemen…

 

Om het in sterretjes te zeggen: ****1/2

 

 

 

 

14:40 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: weeds |  Facebook |

Battlestar Galactica: alleen met spacecake genietbaar

51KkKFGn4uL__SS500_

Volgens Focus Knack is de Amerikaanse sf-reeks Battlestar Galactica “Het allerbeste wat er in 2007 op televisie te zien zal zijn. So Say We All.” All? Speak for yourself!

 

Aangepord door de positieve recensie, die de reeks even spannend noemt als ‘Lost’, even politiek als ‘The West Wing’ en even complex als de ‘Sopranos’, kocht ik in mijn overmoed meteen de twee eerste seizoenen. Met veel moeite heb ik beide uitgezien. Alleen mijn ergernissen en onbedoelde lachsalvo’s hielden me wakker.

 

bsg_season3

 

Manke vergelijkingen

 

Nu ja, ik had het kunnen weten. Laten we beginnen met ‘even spannend als Lost’. Ook de hype rond dat feuilleton is volledig aan mij verloren gegaan. De serie barst van onuitgewerkte en bij de haar gesleurde plotwendingen, ergerlijke flashbacks die telkens weer een domper zetten op de spanning en onsympathieke personages. Lost spannend? Als mijn broek na een zware maaltijd. Batllestar kreunt onder verwarrende vuurgevechten tussen plastieken ruimteschepen, met tussendoor close-ups van gehelmde personages die ‘fracking nice one!’ uitschreeuwen. In de kalmere scènes kramen antipathieke personages minimalistische onzin uit, meestal peinzend voor zich uitstarend. En ik die een zucht van verlichting slaakte toen Ingmar Bergman stopte met films maken.

 

‘Even politiek als de West Wing.” Er valt veel te zeggen over het realiteitsgehalte van een serie waarin een Nobelprijswinnaar economie president wordt van de Verenigde Staten, maar goed, de reeks is scherpzinnig en barst van de vinnige dialogen. En je krijgt een kijkje achter de schermen van het Witte Huis. De politiek in Battlestar Galactica is er een flauw doorslagje van, maar omdat het verhaal zich afspeelt in de ruimte en in een verre toekomst, is elke gelijkenis met de hedendaagse Amerikaanse politiek compleet idioot.

 

Over de vergelijking met de Sopranos wil ik wegens gezondheidsredenen niet verder uitwijken.

 

galactica_02_1024x768

 

Een machtstrijd in Dendermonde

 

De makers van Battlestar Galactica bestempelen hun creatie als ‘naturalistische sciencefiction’. Dat naturalisme proberen ze te bereiken met schokkende camerabewegingen (afgekeken van the Shield), ‘echte mensen’ en ‘realistische settings en rekwisieten’ zoals daar zijn piepende microfoons, cassetterecorders, elektrische stekkers, pistolen en machinegeweren, metalen deuren die je sluit met een draaiwiel enzovoort. Voor mij maken al die herkenbare attributen de show niet naturalistisch, maar volstrekt infantiel. Onze ruimtevaarders bezitten de technologie om sneller dan het licht te ‘jumpen’ (floep, ze zijn weg), maar als Starbuck revalideert na een ongeval mag ze een tijd niet vliegen omdat ze onvoldoende kracht heeft in haar been om het schip te besturen (Hoe? Met trappers?)

 

Diezelfde nonsens geld voor de hele plot. Om te beginnen: de volledige mensheid is uitgeroeid, op een goede 47.000 man na. Een beetje meer dan Dendermonde, iets minder dan Moeskroen. Die gemeenschap, verdeeld over een gevechtship en een onbepaald aantal burgertuigen, wordt geleid door een president, vicepresident en een quorum van 12 (naar het voorbeeld van de apostelen). Hun macht wordt dan weer van tijd tot tijd betwist door het leger. Uiteindelijk pleegt admiraal Adama een staatsgreep en zwiert de president achter de tralies (ja, een echte gevangenis met tralies in een ruimteschip).

 

Als ze vrijkomt, volgt een persconferentie in de beste traditie van het Witte Huis. Achter haar prijkt het embleem van de Verenigde Koloniën dat verdacht veel op dat van de VS lijkt. Tientallen schreeuwende, over elkaar kruipende journalisten proberen een microfoon onder haar neus te duwen. In de ruimte! Voor een gemeenschap die kleiner is dan die van Roeselare. Voor welke kranten schrijven ze? Waar worden die gedrukt? Of zijn het allemaal tv-reporters? Maar waar zijn dan de camera’s?

 

event_730103

 

 

Een andere dijenkletser: in episode ‘The Captain’s Hand’ uit het tweede seizoen offert de gezagsvoerder (Barry Garner, vertolkt door John Heard) van het eerder verloren gewaande ruimtetuig Pegasus zich op om zijn schip te redden. Hoe? Door een metalen wiel dicht te draaien zodat er niet langer zuurstof kan ontsnappen.

 

Fracking Hell

 

Tja, het zal wel grappig bedoeld zijn, maar de manier waarop NBC de censuur omzeilt door fuck te vervagen door frack werkt op mijn zenuwen, niet op mijn lachspieren. “Motherfracker”, Frackin’ this en frackin’ that… Fuck no!

 

En dan de godsdienst… Veelgoderij is eigen aan primitieve maatschappijen. De mens zoekt een goddelijke verklaring voor wat hij zelf niet kan begrijpen. Hoe primitiever de mens, hoe meer goden. De evolutie is van veel naar één naar geen. Maar blijkbaar zal er ook op dat vlak een regressie komen. De officiële godsdienst van de twaalf koloniën is veelgoderij. Alleen de robotten geloven maar in één god.

 

Tot slot de personages. Edward James Olmos als Admiraal Adama en Mary McDonnel als president Laura Roslin houden zich met hun onderkoelde vertolkingen min of meer recht in zoveel onzin, maar de rest van de personages vind ik gewoon… irritant. Alleen Kate Vernon als de nymfomane intrigante Ellen Tigh is te pruimen omdat haar personage bedoeld hatelijk is. En wat Bart Somers komt te doen als Galen Tyrol, is voor mij helemaal een raadsel.

 

218px-Aaron_Douglas_gatecon

 

Maar goed, dat alles wil ik graag door de vingers zien, mocht ik er geboeid naar kunnen kijken. ‘24’ vind ik gruwelijk reactionair, maar is ten minste spannend. ‘Alias’ is onzin, maar amusant. Battlestar is geen van beide. Alleen als slaapmiddel kan het ermee door.

 

Om het in sterretjes te zeggen: **

 

 

 

14:21 Gepost door Jean Lievens | Permalink | Commentaren (3) | Tags: battlestar galactica |  Facebook |