29-07-08

Once upon a Mattrass

mattress05

De tv-film ‘Once upon a Mattrass’, geregisseerd door Kathleen Marshall, is gebaseerd op een Broadway hit van Mary Rodgers uit 1959, met Carol Burnett in de hoofdrol. Ook in de film is  de verrukkelijke Amerikaanse comédienne te zien, maar dan als de gemene Queen Aggravain. Alleen voor de verschijning van de toen 72-jarige actrice is de film meer dan de moeite waard.

Once Upon A Mattress is gebaseerd op het populaire sprookje ‘De prinses op de erwt’ van Hans Christian Andersen. Het verhaal speelt zich af in een fictief koninkrijk waar de gemene Queen Aggravain (Carol Burnett) en haar stomme (in de zin van niet kunnen speken) echtgenoot Koning Sextimus (Tom Smothers) de scepter zwaaien. Queen Aggravain is het soort moederkloek dat geen enkel meisje goed genoeg vindt voor haar zoon Prins Dauntless the Drab (Dennis O’Hare). Elke huwbare prinses stelt ze voor onmogelijke opdrachten. Zo luidt de laatste vraag uit de test voor prinses nr. 12: “Wat was de middelste naam van de schoondochter van de beste vriend van de smid die het zwaard smeedde dat het beest doodde?” Het wicht zat er één lettertje naast en buisde. Zo geraakt de prins natuurlijk nooit aan zijn grief, maar er is meer. Zolang hij niet gehuwd is, mag niemand anders in het koninkrijk trouwen.

9112_223
De poppen gaan helemaal aan het dansen wanneer Sir Henry (Matthew Morrison), de belangrijkste ridder aan het hof, ontdekt dat zijn vriendinnetje Lady Larken (Zooey Deschanel) zwanger is. Hij gaat koortsachtig op zoek naar de laatste prinses van het rijk en keert terug met prinses Winnifred (Tracey Ullman), een slordige wildebras die het hart van de radeloze prins echter meteen harder doet bonzen, tot afschuw van zijn moeder. De Queen, bijgestaan door haar tovenaar (Edward Hibbert), bedenkt meteen een snood plan om ook Winnifred uit te schakelen. De prinses moet bewijzen dat ze gevoelig genoeg is. De Queen verbergt de kleinste erwt van het koninkrijk onder haar bed, bestaande uit 20 opeengestapelde matrassen. Alleen als de nietsvermoedende prinses de slaap niet kan vatten, zal ze haar gevoeligheid bewijzen en kunnen trouwen met de prins.

inside-bunett
Om zeker te zijn, stort ze Winnifred eerst nog in een uitputtingsslag op de dansvloer, dient nog een brouwsel van warme melk met opium op als slaapmutsje en laat de tovenaar een slaapliedje zieken (in een waanzinnige scène). Winnifred doet echter geen oog dicht omdat Koning Sextimus, die de snode plannen van zijn echtgenote heeft afgeluisterd, de bovenste matrassen vol scherpe voorwerpen en wapentuig heeft laten steken. Eind goed, al goed.

morris3

Grote cinema is Once upon a Mattrass zeker niet. Het blijft in de eerste plaats verfilmd toneel. Maar de vertolkingen zijn heerlijk. Burnett is ronduit schitterend (en ziet er ook schitterend uit, ondanks de wansmakelijke, ridicule en kitscherige kledij) en zingt als de beste. Ook de toen 46-jarige Tracey Ullman zet een stevige (!)Winnifred neer. De redelijk hoge leeftijd van de geliefden (Dennis O’Hare was 43) geeft een extra absurditeit aan de hoge eisen van de koningin. Ook Edward Hibbert (die de meesten onder ons kennen als Gil Chesterson, de verwijfde culinaire criticus uit Frasier) is een showsteler. Je bescheurt je wanneer hij uitgedost als bonte vogel met getuite lippen een slaapliedje zingt (ka, ka, ka, ka…) als genadeslag om de prinses in slaap te krijgen. Tot slot is er opstormend talent Matthew Morrison (foto boven) die in 2007 nog te zien was in het geflopte Music en Lyrics, een musical met muziek van de Beatkes.

Matthew Morrison en Zooey Deschanel

 

14:15 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: once upon a mattrass |  Facebook |

28-07-08

Li'l Abner

613WKM41JCL

Er zijn zo van die musicals die te Amerikaans zijn om hier enige bekendheid te genieten. De dvd Li’l Abner is dan ook alleen te verkrijgen in zone 1-formaat. De film is een haast letterlijke verfilming van de gelijknamige Broadway musical uit 1956, zelf gebaseerd op de populaire strip van Al Capp. Dat betekent: cartooneske figuren, bordkartonnen decors en slechts enkele ‘locaties’.  De recent overleden Michael Kidd (1915-2007) tekende voor de indrukwekkende choreografie.

Door de ogen van vandaag zou Li’l Abner niet misstaan in ‘The Celluloid Closet’, een documentaire over 100 jaar homoseksualiteit in de Amerikaanse film. Vooral op het einde wanneer de tot bodybuilders getransformeerde dorpelingen enkel aandacht hebben voor zichzelf en elkaar. Maar voor we zover zijn, eerst het verhaal in een notendop. Li'l Abner Yokum (Peter Palmer) is een knappe spierbundel met een hart van goud maar een brein van de grootte van een erwt. Ander minpuntje: hij is meer geïnteresseerd in luilammen en vissen met zijn vrienden dan in zijn vriendinnetje Daisy Mae (Leslie Parrish).

julie_newmar_as_stuplyfing_jones_in_li_l_abner

De regering pikt hun dorp Dogpatch uit als testgrond voor de atoombom omdat ze het de meest nutteloze gemeente van de VS vinden. De dorpelingen reageren eerst laaiend enthousiast, tot de echte betekenis tot ze doordringt en ze er een stokje willen voor steken. De enige manier waarop ze de snode plannen van de regering echter kunnen doorkruisen, is door aan te tonen dat er wel degelijk iets nuttigs is aan hun dorp. En wat blijkt? Li’l Abner heeft zijn spierbundels en knappe verschijning enkel te danken aan Yokumberry Tonic, een brouwsel dat zijn oude Mammy hem sinds zijn geboorte dagelijks toedient. De drank wordt uitgetest op een aantal lelijkerds van het dorp, die stuk voor stuk veranderen in adonissen. Perfecte studs, eeuwig jong en mooi, maar er is één nadeel: ze zijn totaal niet meer geïnteresseerd in romantische liefde.

Peter Palmer herneemt in de film de titelrol. Hij doet denken aan de lieve versie van de gemene Gaston uit Beauty and the Beast. Ook andere spelers deden hun Broadway vertolking over in de film: Joe E. Marks als Pappy Yokum, de toen 27-jarige Billie Hayes (die vooral roem oogstte in H.R. Pufnstuf als Whichiepoo) als Mammy, Stubby Kaye als Marryin' Sam en Bern Hoffman als Earthquake McGoon… De film is vooral de moeite waard voor de uitzinnige dansnummers op muziek van Johnny Mercer en Gene DePaul en gechoreografeerd door Michael Kidd (die ook tekende voor de dansnummers in o.a. Guys and Dolls en Finian’s Rainbow).

LA25bg

Volwassenen die het kind in zich hebben bewaard en verder zien dan de cartooneske vertolkingen, zullen zeker de absurde en soms bijtende humor weten te appreciëren. Tot slot duiken in de film sporadisch een aantal oude bekenden op, zoals Jerry Lewis en de toen volstrekt onbekende Valerie ‘Rhoda’ Harper.

 

15:01 Gepost door Jean Lievens in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: li l abner |  Facebook |

27-07-08

Star!

51DQK4PA9PL__SS500_
Blij dat ik de film gezien heb, met nadruk op heb. Volgens Hitchcock is drama niets anders dan het leven, met de saaie stukjes eruit geknipt. Helaas voor Star! vergat Robert Wise er een dik uur pellicule uit weg te knippen. Julie Andrews is geweldig, maar loopt verloren in een nogal warrig script dat weinig ruimte laat voor empathie met de hoofdpersonages. Hoewel het wel moet gezegd: Danniel Massey zet een geweldige Noel Coward neer. Een andere plus is dat de film geen conventionele musical is waarin de spelers midden een conversatie een pirouette draaien en in een lied uitbarsten. Alle muzikale nummers worden, net als in Cabaret, opgevoerd in het theater (of tijdens de repetitie). 

78104398
 

Nu, voor fans van Julie Andrews (en daar reken ik mezelf bij) en het muzikale theater (sic) blijft Star een festijn, ook al is het er een met indigestie achteraf. Het verrukkelijke van Julie Andrews is dat ze altijd haar schitterende zelf blijft. Maar dat is ook haar zwakte. Je ziet Julie Andrews, nooit het personage –in dit geval de legendarische Broadway actrice Gertrude Lawrence- dat ze vertolkt. Zelfs als egocentristische bitch met kapsones blijft Julie… euh… Julie.

Als biografie van Gertrude Lawrence schiet Star tekort. Maar goed, dat was ook niet de bedoeling van Robert Wise, die een musical wou brengen gebaseerd op het leven van de ster tussen de twee wereldoorlogen in (Jammer, want Gertrude lag mede aan de basis van The King and I en was de eerste Anna on stage; ze overleed echter aan leverkanker in 1952, het jaar waarin ze een Tony in de wacht sleepte voor die rol). Toch vraag ik me af waarom de film een loopje neemt met de mannen in het leven van de musicalster. Haar eerste man in de film heet Jack Roper en is niet veel ouder dan zij. In werkelijkheid heette hij Frank Gordon-Howley en was twintig jaar ouder. De bankier die ze later in de film ontmoet heette Bert Taylor, niet Ben Michell.

side

Maar goed, dat alles doet niets af van het feit dat sommige muzikale nummers (van Cole Porter, George Gershwin en Noel Coward) tot de top van het genre behoren. Ook de decors, kostuums en historische reconstructie van het interbellum zijn verbluffend. De regisseur (Robert Wise), producer (Saul Chaplin) en ster (Julie Andrews) zijn dezelfde als die van The Sound Of Music (1965). Maar een winnend team was het deze keer niet. Net als Doctor Dolittle (1967) en Hello Dolly (1968) flopte Star! grandioos aan de kassa. Die drie films worden dan ook de doodgravers van het genre beschouwd en voor de twijfelaars gaf Mame in 1974 de genadeslag.

De veelzijdige Robert Wise noemt het floppen van Star een van zijn grootste teleurstellingen. Hij vindt dat zijn film tot een van de beste musicals van Hollywood behoort. Dat lijkt me sterk overdreven en een tikje onbescheiden. Maar de dvd (jammer van de spuuglelijke hoes) is voor een habbekrats te koop en als je de drie uur niet kan uitzitten, bekijk de film dan met de commentaartrack van de oude meester en leer iets bij.

  

10:15 Gepost door Jean Lievens in Muziek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: star, julie andrews |  Facebook |

26-07-08

Finian’s Rainbow

finiansdvd

Als musicalliefhebber (nee, ik schaam me niet) moet ik tot mijn grote scha en schande bekennen dat ik niet vertrouwd was met Finian’s Rainbow. De verfilming van deze Broadwayhit uit 1947 is echter meer dan de moeite waard, als je ten minste opgewassen bent tegen het (gebrek aan) ritme van cinema anno 1968. Ik geef 5 goede redenen:

1. De regisseur

Francis_Ford_Coppola(CannesPhotoCall)

Finian’s Rainbow is de eerste film van de bij leven legendarische regisseur Francis Ford Coppola, die met de Godfather lang op 2 prijkte van de IMDB- top 250 (recent aangevoerd door The Dark Knight). Naar eigen zeggen aanvaardde Coppola de opdracht om indruk te maken op zijn vader. Coppola was de jongste snaak op de set. De getalenteerde regisseur wou het traditionele musical zo goed mogelijk respecteren door zo min mogelijk te experimenteren, en dat komt de kwaliteit van de film helaas niet ten goede.

2. De score


71_img_anchor_home

De muziek is fantastisch. Veel melodieën klonken me verrassend bekend in de oren, zonder ze echt te (her)kennen. Op eentje na: Old Devil Moon.

En misschien ook Look to the Rainbow. En How Are Things In Glocca Morra. En…

 3. Fred Astaire

finians

De bijna 70-jarige Fred Astaire speelt hier voor het laatst een grote musicalrol (als je zijn presentatie van That’s Entertainment er niet bijtelt). Alleen al voor de sierlijkheid van zijn bewegingen zou Finian’s Rainbow verplichte kost moeten zijn voor elke discoganger en bejaarde. Eat your hart out, Michael Jackson. By the way, Astaire vertrouwde Coppola toe dat voor bepaalde dansnummers uit zijn films van de jaren 30 en 40 soms acht maanden repetitie aan vooraf gingen. Daarom leek het allemaal zo ‘naturel’.

4. Tommy Steele

3764610_tml

Tommy Steele, ooit de Britse Elvis genoemd (waarom is voor mij een groter raadsel dan de Moai van de Paaseilanden), levert hier een irreële, cartooneske “acteer”prestatie. Van zodra hij verschijnt, zuigt hij alle aandacht van het scherm naar zich toe. Meer tand dan gezicht. Vandaag zou hij waarschijnlijk digitaal worden ingevuld, want zo worden ze niet meer gemaakt.

5. Petule Clark

508222_356x237

Petula Down Town Clark bewijst hier dat ze meer is dan een verbluffend goede zangeres. Niet veel, maar toch.    

 

en nog eentje

 

11:42 Gepost door Jean Lievens in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: finian s rainbow |  Facebook |

08-07-08

I Now Pronounce You Chuck & Larry

51Z7gdNgpqL__SS500_

Mmm… Over die weet ik weet niet goed wat denken. ‘I Now Pronounce You Chuck & Larry’ (2007) is een zeer succesvolle (lees: platvloerse) Amerikaanse comedy, doorspekt met homoclichés die zelfs voor camp- en cultliefhebbers ver over de schreef gaan. Gay culture gezien door een heterobril. Het is zoals met jodenmoppen. Verteld door een jood mag je ongegeneerd lachen. Is de grollenmaker  niet-jood, dan is antisemitisme nooit ver weg.

De grappen over homostereotiepen zijn dan ook zelden grappig en helemaal gortig vindt ik het einde waarin een kus tussen twee heteromannen wordt voorgesteld als het meest weerzinwekkende dat hen kan overkomen. Het stereotiepe sissyzoontje van Larry die al tapdansend luidkeels ‘Anything You Do I Can Do Better’ uit ‘Annie Get Your Gun’  kweelt is zo afgekeken van zijn toch veel pienterder evenknie Justin uit Ugly Betty.   

Anderzijds wordt de gay cause niet echt geweld aangedaan, wel integendeel. De clichés zijn wat ze zijn, maar homohaters komen er euh… bekakt uit. Aan het eind van de film zijn zelfs de grootste homofobe brandweerlui bijgedraaid. In die zin kan een succeskraker als Chuck&Larry meer doen voor de goede zaak als artistieke, politiek correcte meesterwerken waar geen kat naar komt kijken. En Brokeback Mountain dan? Trust me, die prent had een ander doelpubliek.

Voor degene die de film gemist hebben: ik heb de dvd voor 5 euro op de kop getikt in de Media Markt. En hier is de trailer:

 

11:03 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: i now pronounce you chuck larry |  Facebook |